logo_Roki_222x71RONDZENDBRIEF VAN ATTILA

 

Mei/Juni 2011

 

Lieve broeders en zusters,

 

In de afgelopen maanden ben ik er aan gewend geraakt om brieven te schrijven, om op die manier onze Roemeense familie, vrienden en broeders en zusters vanuit België te informeren over Robi’s en onze situatie. Dìt is een bijzonderder brief, ik zou bij wijze van grap kunnen zeggen dat ik een draai maak van 180 graden, want nú zijn de geadresseerden de Nederlandse familie en vrienden, aan wie tot nog toe Sandra en mijn schoonmoeder regelmatig schrijven.

“In mijn onbezorgdheid dacht ik: ik zal nimmer wankelen.” Psalm 30:7

Dit bijbelvers weerspiegelt een beetje mezelf, vóór Róbi werd geboren totdat na 2 dagen dat hij een bepaalde ziekte bleek te hebben. Opgegroeid in een niet actief christelijk gezin, was het mijn oma, die mij voor het eerst heeft leren bidden en naar de kerk te gaan. Later toen er in de wijk, waar ik woonde, een nieuwe kerk werd gebouwd, begon het me te interesseren, wat er binnen die nieuwe muren gebeurde. Iets in mij begon te fluisteren dat dáár mijn plek moest zijn. Toen was ik 25 jaar, er startte een jongerengroep voor boven de 20 en ik ging er ook heen. Door de preken van de dominee, de bijbelse lessen van de groep en de samenbindende liefde van de jongeren, begon God in mij te werken. Hij heeft veel werk bij mij moeten verzetten, voordat Hij de vuiligheid, die aan mij kleefde begon weg te doen.

 

Ik werd een wekelijkse kerkganger, begon elke dag de bijbel te lezen, leerde van de levenservaring van de jongeren van de groep en dat wat ik hoorde begon in mij te werken: het veranderde mijn zienswijze, met andere ogen keek ik naar de wereld om mij heen. De veelheid van mijn zonden zag ik in, maar ook dat Christus de prijs al had betaald. Later kreeg ik ook taken in de gemeente. Na lange jaren van strijd, vond ik in deze jongerengroep – die langzamerhand voor 30+ was geworden – mijn vrouw Sandra. We werden een gezin met God. We konden in een mooi huis wonen in Koronka. Ons eerste kind werd geboren, Anna, we baden om een tweede kind en Róbert werd geboren, op 13 mei 2010.

 

Vóór zijn geboorte dacht ik: we hebben het mooi voor elkaar. Ons huwelijk heeft een goede basis, we hebben een relatie met God, we hebben een gemeente, vrienden en werk.

 

Toen hij 2 dagen oud was openbaarden zich de eerste tekenen dat er iets niet in orde was met hem. Vanaf die dag zijn er veel gelegenheden geweest om te wankelen. . Zijn leven liep gevaar, en ik snakte naar adem, kracht en wijsheid, want ik voelde in één keer dat ik totaal leegliep. Toen gaf God ons door middel van onze voorganger het volgende bijbelvers: “Uw zoon leeft, en hij werd zelf gelovig en zijn gehele huis.” (Johannes 4:53). De Heer deed een belofte aan ons en wij begonnen opnieuw te geloven dat Róberts leven in Zijn hand was. Maar Róberts genezing kwam niet zo snel als 2000 jaar geleden bij de zoon van de hoveling uit Kapernaüm. Róberts ziekte duurt tot vandaag voort. Er volgden veel donkere dalen en mooie momenten, heel veel operaties – vermengt met een gelukkige glimlach op Róbi’s gezicht - , complicaties, maar tegelijkertijd bleef hij een ondeugend kind vol levenslust. Het bovengenoemde bijbelvers bracht God mij weer de afgelopen dagen voor de geest, na zo’n nacht in het ziekenhuis waarin Róbi onrustig sliep en om 4 uur ontzettend begon te huilen. Het bleek dat de stoma was losgegaan en door het huilen was z’n buik opgezwollen en was erg hard. Een harde, opgezette buik betekent dat er een perforatie is. Op dat moment stortte alles opnieuw in, ik geloofde vast dat hij weer geopereerd moest worden en ik dacht er al aan om Sandra te bellen, midden in de nacht, hoe moest ik het haar vertellen? Toen kwam de dokter, Robi werd rustiger en het bleek dat er niets aan de hand was. Ik was het die zo geschrokken was. Maar, dit is de gemoedstoestand waarin we leven, want Robi heeft al 5-6 keer een perforatie gehad. Dus dit zijn zulke momenten dat ik, ondanks mijn geloof en vertrouwen, wankel.

In de 2 maanden ziekenhuis in Roemenië, wist ik voor mezelf dat Róbert mijn zoon was, maar ik begreep hem nog niet. In het ziekenhuis was Sandra bij hem, ik werkte. Elke dag kwam ik op bezoek, maar omdat hij lange tijd op de IC lag, gebeurde het wel dat ik hem niet kon zien. En als ik hem zag mocht ik maar een paar minuten bij hem zijn. Zo had ik niet echt een band met hem. Daarna kwamen we in België, Brussel terecht. Ver van ons huis, gemeente en werk, alles was nieuw. Maar als gezin konden we samen zijn, wel niet met z’n vieren bij elkaar maar toch dicht bij elkaar. Ik kon meer tijd doorbrengen met òf m’n ene òf m’n andere kind. Wanneer ik in het ziekenhuis ben, ben ik 24 uur bij Robi en als ik thuis ben en m’n schoonmoeder is in Nederland, ben ik 24 uur bij Anna. Deze mogelijkheid heeft mooie gevoelens bij me naar boven gebracht. Ik weet niet hoe andere vaders dat klaarspelen, maar tot nog toe lukte het niet verstand en gevoel samen te laten gaan: ik was bezorgd, bad en liep het vuur uit m’n sloffen voor Róbert, maar om fysiek zo veel tijd samen met hem te zijn, daar had ik geen gelegenheid voor. In deze uren kan ik genieten van mijn kinderen. Ik leerde m’n zoon en zijn kleine wereld kennen, leerde wat hem gelukkig maakt en dat hij het echt kan waarderen als ik er ben. Hij leeft op als ik voor hem zing en als ik hem knuffel gekliederd hij lekker m’n bril. Soms kan hij erg ondeugend zijn, dan draait hij zijn hoofd om als ik naast hem sta, maar als er plotseling een dokter binnenkomt, zoekt hij me onmiddellijk op en wordt rustig als ik bij hem ben.

Róbert is nu 11 operaties en 3 kleinere ingrepen verder, waarbij hij even weggemaakt werd om een kateter aan te brengen, of dat werd geprobeerd, want één keer is dat niet gelukt. In totaal heeft hij meer dan 36 uur in de operatiekamer doorgebracht. Dit waren de moeilijkste uren van mijn leven. De wanhoop, maar tegelijkertijd ook de hoop, de doelloosheid, maar tevens het vertrouwen, de zwakte, maar ook het opnieuw beginnen, vallen, maar ook opstaan. Ik ging door grote diepte, maar de Heer was altijd met mij. Hij hield Róberts leven in Zijn hand, meerdere keren, toen de doktoren vreesden. Hij gaf elke dag kracht door Zijn woord. Nog nooit heb ik zoveel beloften en prachtige bijbelverzen gekregen als in dit jaar. En wat nog belangrijker is: er verschenen steeds andere verzen voor mijn ogen die precies op mijn situatie sloegen. De grote belofte dat Róbert leeft, gaat steeds met ons mee, maar het is nodig die iedere dag opnieuw te beleven.

 

Niet alleen de operaties zijn zwaar, er moeten ook elke dag stoma’s en verbanden verwisseld worden. Soms moeten er in korte tijd meerdere stoma’s verwisseld worden. Dit is voor Róbert erg pijnlijk, want het grootste gedeelte zit aan de huid vast en moet losgemaakt worden. De meeste keren doen we dit zelf, omdat wij meer geduld hebben dan de assistenten, op wie vele andere kinderen wachten. De stoma’s blijven moeilijk zitten en rond de aanhechting is de huid erg geïrriteerd. Daarom huilt Robi erg bij het verwisselen, want het doet écht zeer en door zijn tranen heen kijkt hij me aan om te vragen: doe jij me nu ook al pijn? Regelmatig bloedt de huid, dat moet dan met een middeltje schoon- en drooggemaakt worden, dus de plek wordt ook nog aangeraakt. . Het is erg moeilijk om dat alles aan te zien en te doen. Te doorleven dat hij veel pijn heeft en dat soms ook ik hem pijn doe, dan draait m’n maag om.

Er is nog een ander moeilijk te verdragen ding, namelijk wanneer er bloed moet worden afgenomen uit zijn kleine aders in z’n arm. Omdat hij nog zo klein is zijn die nog niet zo ontwikkeld. En vaak gebeurt het dat ze 2 of 3 keer moeten prikken voordat het lukt de goede plek, een ader te vinden.

Na de 10de operatie dacht ik: klaar, alles is in orde gekomen. Na de 11de zag ik niet meer hoe ik uit dit nieuwe dal moest raken, maar de volgende dag heeft de Heer me gesterkt met de woorden van Psalm 16.

Vanwege de vele slaapmiddelen en pijnstillers heeft Róbert 2 weken niet gelachen, of als hij probeerde te glimlachen, werd die meteen overschaduwd door de pijn. Ik was ongerust want ik voelde alsof ze me mijn zoon hadden ontnomen: hij was niet meer de oude, niet meer het kind dat lacht naar ieder mens die hij ziet, of gekkigheid uithaalt met iedereen die over z’n bed gebogen staat. Maar langzaamaan verdween de uitwerking van de medicijnen en kwam mijn lieve kleine zoon terug, die me zoveel liefde gegeven heeft tijdens het verblijf in het ziekenhuis. Daar zijn geen woorden voor. Hij is in ons gezin de sterkste. Hij is Jezus Christus’ kleine soldaat. Hij raakt nooit vermoeid, de doktoren en assistenten verbazen zich over zijn goede humeur en levenskracht.

 

Onze dochter Anna heeft een lievelingsversje wat ze thuis bij de crèche van de kerk heeft geleerd en wat voor mij veel heeft betekend en nog betekent tijdens de ziekte van Róbert. Het gaat zo: “ Mijn God is zo groot, zo sterk en zo machtig, er is niets dat God niet kan doen.”

God is zeker groot, want hoewel we uit onze thuissituatie zijn gehaald heeft Hij voor andere broeders en zusters gezorgd, die hier naast ons staan. Deze reis naar België, het verblijf hier en in het ziekenhuis hebben voor zoveel onkosten gezorgd, dat we soms dachten dat we die nooit zouden kunnen opbrengen. Maar de Heer heeft heel veel mensenharten in Roemenië, Nederland en België en andere plaatsen in de wereld geneigd. Zij helpen ons. En ontelbare mensen hebben gebeden en bidden voor de genezing van Róbert, ook mensen die hem nog nooit gezien hebben of die ons niet eens kennen.

God is zeker groot, want hoewel we zware lasten moesten en moeten dragen was en is Hij altijd bij ons op deze weg, licht gevend, of bemoediging, kracht en rust. Bovenal gaf Hij Zijn vrede om deze lasten te dragen. Door het leven van m’n zoon Róbert kan ik ervaren waarover David in psalm 23 schreef: “Al ga ik door een dal van de schaduw des doods, ik vrees geen kwaad want Gij zijt bij mij.”

God is zeker sterk en machtig, want na al die operaties en complicaties is Róbert een gelukkig klein kind en de mensen die om ons heen staan zeggen over ons dat we zo moedig de situatie dragen. Wij beleven het meer dat we vaak vallen, maar we kunnen ook altijd weer opstaan. De Heer houdt zich aan Zijn belofte.

Er is niets dat Hij niet kan doen. Natuurlijk weten wij niet waarom deze dingen met ons gebeuren, weten we niet hoe en wanneer het voorbij zal zijn, weten we niet hoe en op welke manier we de rekeningen zullen betalen en hoe we iedereen zouden moeten bedanken, maar voor Hem is niets onmogelijk. Dit geeft geestelijke rust, zodat we onze energie niet verdoen met andere dingen, maar nu sterk en met vertrouwen elke dag naast Robi kunnen zijn.

 

Róbert moet nu leren eten, tot nog toe mag hij wat groente en fruit eten, naast zijn melk. Voor zijn leeftijd en gewicht zou hij nu elke dag 1200 ml melk moeten drinken. Zijn maag verdraagt dit al wel, maar hij neemt slechts een deel van die hoeveelheid tot zich via zijn mond. De rest wordt via de neussonde in zijn maag gebracht. Dit is een nieuwe opgave voor ons: ons kind leren eten. Maar deze opgave vult ons met blijdschap, want het betekent dat Róbert gewoon kan eten en niet meer afhankelijk is van kunstmatige voeding.

Als we dit alles overdenken kunnen we zeggen dat “de rechtvaardige uit geloof zal leven” (Hebreeën 10:38) en dat met de hulp van de Heer we “niet van degenen zijn die zich vreesachtig terugtrekken en verloren gaan, maar van degenen die geloven en het leven verkrijgen.” (Hebreeën 10:39)

 

Lieve Hollandse familieleden, vrienden, kennissen en onbekende broeders en zusters: bedankt voor alles wat jullie voor ons hebben gedaan en doen!

Liefs Fekete Attila.

Kelt, België Zaventem Watertorenlaan 68, 1ste etage, 4 mei 2011.

 

 

 

Bericht van de ouders van Sandra:

 

Veel mensen hebben hen financieel geholpen. Onze hartelijke dank daarvoor. Toch blijven er financiële zorgen. Als iemand (nogmaals) wil sponsoren, dan kan dat naar de Stichting ROKI o.v.v. ROBI.

 

Giften blijven welkom op

bankrekening 1352.75.717

t.n.v. Stichting ROKI te Wilnis

Correspondentieadres:

Trilgras 25, 3648 JC Wilnis

telnr. 0297-282022

sandravanrijssel@yahoo.com            

vanrijssel@hetnet.nl

contact@roki.nl

 

Volg Ria’s blog over Robi op www.robi-fekete.blogspot.com

 

Stichting ROKI heeft een eigen website : www.roki.nl.

Giften via de Stichting ROKI zijn aftrekbaar van de belasting als gift voor een goed doel.

 

Help ons helpen