© ROKI Foundation Holland

ROKI

5 november 2019

 

Lieve allemaal,

 

Via Sandra kregen we een persoonlijke uitnodiging van Anti om naar het cultuurhuis (soort verenigingsgebouw) te komen. Daar had hij een expositie opgezet van oude kleedjes. Lijkt op servetten maar ze hangen in huis dat soort kleedjes overal overheen. Het is de gewoonte dat moeders de vrouw dit borduurt of zoiets naait. Leek ons wel leuk hoewel we het druk hebben. Maar ja het is zaterdagmiddag dus de boog kan wel even ontspannen. Eerst even eten. De kinderen zijn naar huis dus zijn we zelf verantwoordelijk voor ons eten. Weet je wat? We maken lekker patat, doen we thuis ook op zaterdagmiddag. We zijn tenslotte gewoontedieren. Toen we klaar waren kwam Anti vragen waar we bleven. Dat is wel heel persoonlijk. Met dit in onze gedachten, het buikje stevig vol en nette kleren aan gingen we op pad. Dat viel nogal mee, want het is schuin de weg oversteken. Daar schrokken we even. Buiten stonden twee grote ketels met goulash te pruttelen boven een houtvuur en binnen stond de zaal vol met tafels. Oh nee weer eten. Anti wees ons naar binnen en we moesten plaats nemen aan tafel bij ……. de burgemeester en de loco. Andere mensen die tegenover ons wilden plaats nemen werden netjes verwezen naar een andere plaats. Kennelijk schatten ze ons op onze waarde voor het dorp (geintje hoor!).Toen we gezeten waren begonnen de toespraken. Daar zijn ze hier gek op. Wij iets minder, want ze vertellen een heleboel, terwijl wij voor 80% niet verstaan wat ze zeggen. Maar ja, ook daar komt na een half uur een eind aan. Toen kwamen ze langs met de palinca. Best wel lekker als medicijn voor je volle maag die zo dadelijk zich zal moeten oprekken voor een bord goulash. Twee soeplepels vol en terug naar je uitverkoren plaatsje. Daar nog een glas home made wijn en het feest kon beginnen. Een vork voor de aardappels en de stukken vlees. Stevig brood voor het vocht van de goulash. Arme maag. We hebben geen tweede keer opgeschept. Oh ja, we zijn netjes langs de tentoonstelling gelopen toen dat enigszins kon tot de buitendeur en hebben de zaal verlaten. De andere mensen zijn nog een tijdje doorgegaan en een deel daarvan is om half vijf naar de kerk gelopen (tegenover ons) om daar de kerkdienst bij te wonen ter voorbereiding van het Avondmaal. Wij hebben dat niet gehaald, gauw weer een glaasje palinca om de maag op gang te brengen al dat voedsel te verteren. De avondmaaltijd hebben we overgeslagen.

 

Op zondag gingen we naar Makfalva, waar een kerkelijke gemeente is waar we ons eigenlijk wel thuis voelen. Voor de liefhebbers, het is een soort broederschap lijkend op de Nederlandse Vergadering van Gelovigen. Elke zondag begint de dienst met een korte preek en viering van het avondmaal, dan zingen en gebeden, een preek, kringgebeden en afgesloten met een lied. De mensen daar zijn onze broeders en zusters geworden. Vandaag werden we uitgenodigd voor de lunch, want één van hen was jarig geweest en zoals het echte Hongaren betreft, was er voedsel in overvloed. Dus hebben we lekker meegegeten om de restjes op te maken en na afloop buiten in de zon zitten koffie drinken. Zo zie je maar weer dat als het huis gesloten is omdat de kinderen dat weekend naar huis zijn, we geen zorgen hoeven te maken wat we zullen eten. Er was beide dagen meer dan overvloed voor ons.

 

Over eten zouden we ook nog wat schrijven. In de Hongaarse keuken is de soep het belangrijkste. Nu moeten jullie niet denken aan de Hollandse soep, maar hier in het huis is het gewoon water, ietsje aangemaakt met meel en daarin altijd een groente. Soms aardappelen, macaroni of spaghetti slierten. Daarna een tweede gerecht, aardappelblokjes, macaroni of een andere pasta. Echt Hongaars is de puliska. Redelijk grove maïsmeel dat in kokend zout water wordt gestort, even roeren en het is klaar. Opvallend is dat het eten nooit dampend op tafel komt. Meestal wordt het een uur van te voren van het vuur gehaald en koelt het langzaam af. We eten dus bijna nooit echt warm of heet voedsel. Als er toevallig damp af komt klagen de kinderen dat het forró (heet) is. We moeten ze dan aansporen om fúj te doen. Dus blazen, maar dat zijn ze echt niet gewend. Zo eten we hier zo’n beetje. Ontbijt is een beetje zoals in Nederland, avondeten is meestal alles wat is overgebleven van de middag plus wat brood. Als we uit eten gaan in een Hongaars restaurant moeten we grote hoeveelheden vlees verorberen. Hier niet, meestal krijgen we worst of spek. Het vlees krijgen ze gratis van een vleesverwerkend bedrijf. Maar wat er ook is, het is 100% meer dan de kinderen thuis gewend zijn. Hagelslag, pindakaas, pasta etc. kennen ze niet. Zoetigheid op brood is een delicatesse die ze uit onze caravan krijgen. We zijn toch opa en oma, dus mogen we dat.

 

We hebben nog twee meiden aan jullie bekend te maken. De jongste is een meidje dat vanaf het begin hier verblijft en dus kunnen we haar ontwikkeling volgen. Ze maakt de laatste maanden een spurt in haar ontwikkeling. Komt waarschijnlijk door de extra aandacht van de vrijwilligster en haar bezoek aan de ovada (kinderdagverblijf). De leidster van vorig jaar voelde haar helemaal niet aan en dan gaat ze een heleboel negatieve aandacht vragen, eigenlijk eisen. Nu is besloten haar bij een andere leidster te plaatsen en dat gaat bijna perfect. Ze is en blijft natuurlijk wel een speciaal geval. Ze kan het best één op één met een volwassene omgaan. Dan is het een engeltje, met andere kinderen is ze meestal een bengeltje. Niet vreemd omdat haar biologische vader gewelddadig is en haar moeder geestelijk gehandicapt is. We hoorden trouwens dat haar moeder weg is bij de biologische vader en getrouwd is met een andere man. Ze heeft twee kinderen meegenomen en twee bij deze vader achter gelaten. Oh ja, ze kan ook al weer terug zijn. De andere is een meid van 13 jaar. Thuis verblijft ze bij haar moeder en die doet alles voor haar dochter. Als dochter wat wil, dan zorgt moeder daar nagenoeg altijd voor. Dat noemen ze verwennen en dat is synoniem aan verpesten. Helaas voor haar heeft ze hier die rechten niet en moet ze zich hier aan de regels houden. Maar ze probeert het wel, maar na de uitleg dat ze de koningin niet is, snapt ze het wel voor een half uurtje. Maar niet vreemd met zo’n moeder. Vader heeft bij een vechtpartij iemand gedood, dus zit is de bajes, broertje handelt in speciale pillen en poeders (drugs) en zit ook vast. Alleen een verknoeiende moeder, die inwoont bij deze en gene.

 

Voor al deze kinderen is veel gebed nodig. Ook voor Kerúb, want die biedt deze kinderen een stabiele situatie.

 

Nog een weekje en dan komen we weer naar Nederland. We vieren 10 november in de nieuwe keuken de verjaardag van Ria en Sandra. Tevens nemen we dan afscheid van onze bekenden en de kinderen. De andere dag brengen we de caravan weg en op dinsdag gaan we rijden. Als alles goed gaat overnachten we drie keer en hopen we vrijdag in Wilnis aan te komen. Jullie zijn weer op de hoogte, wij willen er nog niet aan denken. Jullie kennen ons en weten van ons probleem met afscheid nemen. Helpen jullie ons? Op afstand met bidden?

 

 

Met hartelijke groet,

Aart en Ria.