© ROKI Foundation Holland

ROKI

21 mei 2018

 

Lieve allemaal,

 

De tijd gaat erg snel als je het naar je zin hebt. Dat zeggen we in Nederland. Nu is het hier niet anders, alleen komt daar nog bij dat hetzelfde geldt als je het druk hebt. Voordat we enkele voorvallen nader toelichten geven we even een indruk van onze werkzaamheden. De raktár (ruimte waar de kledingopslag is) was helemaal vol gepropt met zakken en dozen kleding. Wat op de planken lag was merendeel de winterkleding. Ook stonden er dozen vol in het lege klaslokaal wat we gebruiken als werkplaats en opslag. Ria is daar elke dag mee bezig. Eerst kijken wat er is en bepalen of we het kunnen gebruiken. En dat is eigenlijk wel ingewikkeld, want even naar de stad gaan voor nieuwe kleding te kopen zit er niet in. Ze zijn afhankelijk van de goederen die naar ze gestuurd worden. Als je weet wat je hebt moet er ruimte gemaakt worden. Dat kan je niet zomaar eruit halen, maar ook moet je het bekijken en beslissen, want volgend jaar kan het volgende kind het weer gebruiken. Ja, en de ruimte wordt niet meer. Er zijn wat dozen versjouwd en keuzes gemaakt. Maar het ziet er weer keurig uit en voor zover we het nu kunnen bekijken is er voldoende voor elk kind voor deze zomer. En voor de winter zullen we wel zien. Er komen nog steeds transporten met kleding van Stichting ROKI. Wat daar in zit weet je vooraf nooit, want ook zij zijn afhankelijk van wat ze krijgen. Maar zeker weten is dat er altijd een oplossing komt.

 

De groentetuin krijgt langzamerhand vorm. Toen we kwamen was 1/5 gevuld en nu is ruim de helft gevuld. Alleen blijft de groei wat achter. Evenals in Nederland heb je water en warmte nodig voor het ontkiemen van het zaad. Nu warmte was er genoeg, alleen had het twee maanden niet geregend. De grond was 30 centimeter diep kurkdroog. Ze hadden in maart grof gespit en die bonken waren nu bijna bakstenen. Dus een bedje maken om te zaaien was hakken, hakken en nog eens hakken. Maar het is gelukt en het heeft geregend. Je kunt het je niet voorstellen, maar wat kan je blij zijn met regen. En het is precies wat we nodig hebben. Je kunt nog werken, het is geen blubber geworden. God zij daarvoor dank.

 

Ook de fietsen vragen veel aandacht. Het zijn gewoon bijna allemaal oude barrels, maar de kinderen zijn daar echt gelukkig mee. Nu is Aart daar redelijk handig in geworden. Van drie oud kan hij twee bewegende fietsen maken. In Nederland zouden ze niet meer op de weg mogen, maar hier gaat het nog steeds. En de kinderen hebben niet het besef dat je zuinig moet zijn op je spullen. Er is hier een steile helling van ongeveer 50 meter hoog met een karrenspoor. Daar lopen en klimmen ze tegenop en als een kamikaze komen ze op de fiets naar beneden denderen. Tot heden gaat het altijd goed met de persoon, maar de fiets heeft het wel erg zwaar. Remmen heb je niet nodig, je doet gewoon je voet tussen de achterband en het frame. Dan rem je voldoende af. En dan moet Ria weer komen. Ze schoen is kapot gesleten en niet meer te repareren. Helaas voor hen moeten ze in zo’n geval toch even een tijdje wachten voor ze andere schoenen krijgen. Zijn ze zot om zo met hun spullen om te gaan.

 

We zijn nu overgegaan op het systeem dat iedereen een eigen fiets heeft gekregen, want als er wat kapot ging pakten ze gewoon een andere (barrel) fiets. Nu is het hun fiets en moeten ze naar Aart om te zeggen dat het kapot is en of hij het wil repareren. En die heeft het erg druk, dus het kan wel eens langer duren voor de reparatie wordt uitgevoerd. Wellicht leren ze zo dat je met respect met je spullen moet omgaan, maar dat is wel erg moeilijk.

 

We hebben er weer twee kinderen bij. Lorrika (3 jaar) en Katika (2 jaar) komen uit één gezin. Vader moet werken en moeder is erg flexibel. Daarmee bedoelen we dat ze meer afwezig is dan aanwezig. In december was ze er nog. Daarna is ze weggegaan en nu heeft ze zich weer laten zien voor precies een dag. In elk geval is ze zichtbaar weer zwanger. Dit keer zou het van de vader kunnen zijn, omdat ze in december nog in huis was. Maar de situatie was thuis voor kinderen niet erg goed. Uiteraard zijn het erg lieve kinderen. Je moet telkens lachen en verbaasd zijn om hun gedrag. Aan tafel zitten om te eten paste niet in hun gedrag. Soep en een tweede gerecht waren niet gewoon. Dus met veel liefde en geduld krijgen de werksters hen in het gareel. Lorrika ging gewoon midden op het pad staan, deed zijn broek naar beneden en plaste met een mooie boogstraal. Ook deed hij zijn broek naar beneden en poepte zo in het gras. Het was kennelijk thuis zo de gewoonte. Intussen is hem met veel geduld en aandacht andere gewoontes bij gebracht. Hij is ook dol fietsen. Hij pakt alle fietsen en loopt daarmee over het terrein. Kortom hij is gelukkig. Katika is echt zo’n lief kindje met mooie ogen en een vriendelijk gezicht. Zij wordt erg vertroeteld door de grotere. En dat geeft natuurlijk wrijving met de vroegere kleintjes Noémi en Kristina. De oplossing is simpel, gewoon een por, duw of een gigantische klap. Recht van de sterkste. En natuurlijk de hele dag roepen: Ria neni of Aart bacsi né. We moeten dan kijken, want né betekent geen ‘nee’ maar ‘kijk’. Even wennen. Bij de naam kan je natuurlijk ook de werkster invullen.

 

Het is nu Pinksteren. Ook hier vieren ze het feest dat de Heilige Geest zichtbaar is uitgestort. Dit betekent dat de kinderen naar huis zijn en wij het hier erg rustig hebben. De kinderen komen thuis niet in de beste omstandigheden. Met z’n allen in één ruimte en soms gewoon met vier of vijf dwars in een bed bestemd voor één persoon. Of gewoon op een stapel ongewassen kleding. Als ze terug komen zijn ze ineens met veel meer wezens en moet de kleding en het kind gewassen en gereinigd worden. Ook de meegekomen beestjes moeten uitgeroeid worden. Elke keer een hele opgave, maar de binding met thuis moet blijven.

 

Noémi woonde met haar vader, moeder en broertje in een verbouwde garage hier vlakbij. Vader en moeder werkten daar en waren naar hun maatstaven daar gelukkig. Maar vader was de laatste tijd constant dronken, vocht en maakte ruzie. Het kwam zover dat de baas hen uit het huis heeft gezet. Het is een heel vriendelijke en zachtaardige man en zijn vrouw keek nog naar de kinderen. Maar dat is voorbij. Ze hebben ‘onderdak’ gevonden bij oma. Onderdak tussen haakjes, want het is een krot. In Nederland zou het niet toegestaan zijn daar een dier in te laten komen. Toen Noémi daar kwam wilde ze daar niet blijven. Vader en moeder waren er niet om haar nog een gevoel van thuis te geven. Ze gilde en krijste toen bij haar doordrong dat ze daar moest blijven. Sandra bracht haar weg en jullie kunnen je voorstellen wat dat bij haar teweeg bracht. Ze heeft een whatsapp groep voor belangstellenden voor Kerub en daar stuurde ze een foto heen met verzoek om gebed voor Noémi. Maar zou dat ook kunnen voor haar? Als jullie dan toch aan het bidden zijn, doen jullie dat ook voor de werksters, die nu in hun eentje elf kinderen moeten verzorgen?

 

Tjonge, we zijn weer aan de hoeveelheid tekst, en er is nog zoveel wat we met jullie willen delen. Het volgende bericht verwachten we uit Nederland te sturen, want we gaan van 29/5 tot 16/6 even terug. Maar we hebben dan alweer veel beleefd en gezien.

 

Blijven jullie ons, de familie Fekete, Vera, Ibolya, Irma en de kinderen steunen in jullie gebeden? We merken het hier echt dat jullie dat doen. En als het kan steunen jullie Kerub dan ook financieel? Dat kan via Stichting ROKI (ANBI). Gegevens vindbaar via www.roki.nl.

 

Met hartelijke groet,

 

Aart en Ria